Analyse

Tuin bij vrouwenopvang laat kind in zijn kracht staan

Samen eten en lachen, rennen, springen en schommelen. Gewoon even kind zijn. Nare gebeurtenissen van thuis vergeten. In de tuin bij vrouwenopvang Safegroup ZHZ in Dordrecht kan dat. Van Helvoirt Groenprojecten richtte de tuin zo in dat het kind weer in zijn kracht kan staan. Spel, samenzijn, focus op één plek en zintuigelijke beleving zijn de ingrediënten die deze tuin helend maken. Voor het kind, maar ook voor de ouder.

De tuin bij Safegroup ZHZ is één van de vier projecten uit het ‘Natuurproject voor kinderen in de opvang’ van Veilige Toekomst, een initiatief van Stichting Kinderpostzegels. Elk jaar komen 7.000 - 8.000 kinderen in de vrouwenopvang en maatschappelijke opvang terecht. Ze behoren tot de meest kwetsbare kinderen in Nederland. Door de onveilige thuissituatie hebben ze hun familie, vriendjes, huisdier, school en sportvereniging abrupt moeten verlaten en komen in een omgeving die onvoldoende ingericht is op kinderen. Ze kampen met stress, gedrags- en leerproblemen en gevoelens van angst, boosheid, verlies, eenzaamheid en schuld.

Veilige toekomst

Voor deze kwetsbare kinderen is in 2016 het project Veilige Toekomst opgezet. “Met het project helpen we de kinderen weer in hun kracht staan. We helpen hen bij de verwerking van potentiële trauma’s en willen voorkomen dat zij of hun kinderen in de toekomst in dezelfde situatie belanden”, licht Erik Claus, projectleider bij Kinderpostzegels toe. Onderdeel van Veilige Toekomst is het natuurproject. Hierin komen de kinderen in contact met natuur en dieren. Dat doet mensen in het algemeen goed, maar uit onderzoek blijkt dat kinderen er extra baat bij hebben. Een beetje natuur helpt al om stress en gevoelens van somberheid bij kinderen te verminderen. Ze ontwikkelen zich cognitief beter als er natuur in hun directe omgeving is en het draagt bij aan hun veerkracht, weerbaarheid en zelfvertrouwen. Het aaien of knuffelen van dieren verlaagt eveneens stress en biedt veiligheid, rust en troost.

Aan het Natuurproject is innovatieonderzoek verbonden, opgezet en uitgevoerd door Hogeschool Leiden, lectoraat Natuur & Ontwikkeling Kind en de Vrije Universiteit Amsterdam. Het onderzoek geeft inzicht in hoe de natuur de hulp aan ouder en kind kan versterken en biedt inspiratie aan de hulpverlener die meer groen wil toepassen in zijn werk.


Foto: © Allard de Witte

Vier opvanglocaties

Vier opvanglocaties hebben meegedaan aan de natuurpilot. Bij het Kopland in Emmen is een kinderboerderij gerealiseerd, Kadera in Enschede werkt met honden en bij Kompaan en De Bocht in Goirle is een helende tuin aangelegd. Safegroup ZHZ in Dordrecht diende een projectaanvraag in voor natuurlijke speelgelegenheden en een moestuin in hun tuin. Deze is ontworpen en aangelegd door Van Helvoirt Groenprojecten uit Berkel-Enschot. De kinderen kunnen veilig spelen in hun nieuwe tuin, hun energie kwijtraken, hun vriendjes en vriendinnetjes uitnodigen, leren over de natuur en al voetballend omgang met hun vader hebben. Op een ongedwongen manier helpt de tuin mee in het verwerken van de ingrijpende gebeurtenissen in het leven van moeder en kind en in het versterken van de band tussen ouder en kind.

‘Huisje Boompje Beestje’

Het natuurproject heeft een vervolg gekregen in het project ‘Huisje Boompje Beestje’. Dat is in najaar 2017 gestart met financiering van de Nationale Postcodeloterij 1,9 miljoen euro). In drie jaar tijd wil Kinderpostzegels een groot aantal instellingen voor daklozen- en vrouwenopvang omvormen tot meer kindvriendelijke locaties met natuurspeeltuinen, moestuinen en activiteiten met dieren. Dit doet de stichting niet alleen maar in samenwerking met Federatie opvang, IVN, de Vrije Universiteit Amsterdam en Hogeschool Leiden. Het onderzoeksteam gaat in het kader van ‘Huisje Boompje Beestje’ vervolgonderzoek doen. “We hopen met resultaten uit dat onderzoek de lokale overheden en de landelijke overheid te overtuigen van het belang van natuur in de opvang”, aldus Erik Claus.


Factsheet: Het belang van natuur en contact met dieren voor kinderen in de opvang van Marjon Donkers, in opdracth van Stichting Kinderpostzegels en Federatie Opvang

Heeft u meegewerkt aan dit project? Als u bedrijfsdeelnemer bent, kunt u zichzelf aan dit project verbinden.

Nog geen bedrijfsdeelnemer?

Bekijk de mogelijkheden.

Bedrijfskoppeling maken

Heeft u met uw bedrijf een bijdrage aan dit project geleverd?

Dan kunt u uw bedrijf via dit formulier aan het project koppelen. Beschrijf de bijdrage die u heeft geleverd in maximaal 400 tekens en upload eventueel een afbeelding. Uw bijdrage wordt beoordeeld en na goedkeuring getoond op deze pagina.


Jasperina Venema, adviseur bij Van Helvoirt Groenprojecten, kreeg vanuit Safegroup de opdracht om een tuin te ontwerpen die een bijdrage zou leveren aan de hechting tussen moeder en kind, de ontspanning van de moeders en het aangaan van sociale contacten. Een tuin waar de kinderen hun vriendjes kunnen uitnodigen, hun energie kwijt kunnen, waar ze leren over de natuur en die ze trots maakt.

Inventarisatie van wensen

Venema organiseerde vier bijeenkomsten, waarvan drie met het projectteam van moeders, medewerkers, woningbouwcoöperatie Woonbron en gehandicaptenorganisatie Gemiva en één met de kinderen, die een uitgebreide wensenlijst opleverden. De moeders wilden graag een groot, aangenaam terras waar ze met elkaar kunnen zitten, maar ook een plek waar ze zich kunnen afzonderen. Ze wilden kruiden, fruit en groenten om te kunnen oogsten, ze wilden rust en stilte, vogels en vlinders. Voor hun kinderen wensten ze een plek om te voetballen, maar ook waar ze met zand en water zouden kunnen spelen. Een specifieke wens was er voor de kinderen in de leeftijd van 11 tot 14 jaar. Voor deze groep beginnende pubers is sociaal contact enorm belangrijk om hun negatieve ervaringen te verwerken. 

Bijzonder waren de wensen van de jongere kinderen.  Behalve een schommel, konijntje en aardbeienplanten wilden ze graag voor de mama’s bloemen die ze kunnen plukken. Of een plek waar ze een lekkere nekmassage of een voetbad kunnen krijgen, zodat ze hun zorgen even kunnen vergeten. “Mooi en lief”, zeggen Jasperina Venema en locatiemanager Suzanne Lankhorst, “maar ook zorgelijk, want je hoeft je als kind niet om je moeder te bekommeren.”

Ontwerp van de tuin
Ontwerp van de tuin door Van Helvoirt Groenprojecten

Zintuigelijke beleving

Prikkeling van de zintuigen bevordert de interactie tussen ouder en kind en helpt daarmee hun band te versterken (hechting). Venema werd hiertoe geïnspireerd op een congres van Kinderpostzegels. ”Daar werd een voorbeeld getoond van moeder en kind die elkaar opmaakten. Door de aanraking raakten ze met elkaar in gesprek.” Zo werkt het ook in de tuin. Contact ontstaat als het kind met een veertje langs zijn moeders wang streelt of haar laat ruiken aan een bloem. Het is de verrassing die je deelt. “Onderzoekster Agnes van de Berg zei het zo treffend: ‘de natuur biedt kleine wonderen waar je het samen over kunt hebben’.”

Venema koos daarom beplanting die de zintuigen prikkelt en vlinders en bijen trekt, zoals Echinops ritro, Nepeta ‘Dropmore’, Budlejja davidii ‘Pink Delight’, Ribes rubrum ‘Jonkheer van Tets’ en Fragaria vesca. In vroege voorjaar brengt Geranium macrorrhizum ‘Spessart’ kleur. Rudbeckia fulgida ‘Goldsturm’, Persicaria amplexicaulis en Anemone hybrida (x) ‘Serenade’ sluiten het bloeiseizoen af. Varens en siergrassen zorgen voor het late herfst- en winterbeeld. Ze paste verschillende bestratingsmaterialen toe: pebblestones, houtsnippers, grind en klinkers.  De speelaanleidingen zijn gemaakt van robiniahout voor de natuurlijke uitstraling. Op zit-stapstammetjes leren de kinderen hun balans (terug) te vinden.

Uit de zorgen

In de tuin creëerde de ontwerper verschillen plekken waar gezeten, gegeten, geschommeld, gesport en gesnoezeld kan worden. De verschillende, ovaalvormige plekken zijn van elkaar gescheiden door beplanting. Wanneer deze is volgroeid ontstaan er aparte ruimtes in de tuin. “Dan kan je daar echt in opgaan. De focus ligt op de plek en de activiteit, en niet meer op de eigen problemen. Dat is het mooie van de natuur”, zegt de ontwerper, “je wordt een moment afgeleid van je zorgen.” Kinderen kunnen in en uit lopen en via een vloeiend padenpatroon van het ene naar het andere tuingedeelte gaan.

Loslaten, opbouwen en verder gaan

Ook werd de wens voor een voetbalplek vervuld. ,,De opvang is toch een vrouwenbolwerk, maar jongens moeten wel hun energie kwijt kunnen en eventueel met hun vader kunnen voetballen. Het voetbalveldje is omgeven door houten paaltjes, zodat het geen overlast geeft en de jongens zich vrij kunnen bewegen.” Een moestuin mocht ook niet ontbreken. “Een symbolisch ontwerpelement, want je kunt pas oogsten als je goed voor de planten hebt gezorgd. Ook de composthoop is zo’n symbolisch element. Je wilt van zaken af, die gooi je daarop weg, maar het is tevens een voedingsbodem voor nieuw leven.” Twee leifruitbomen staan tegen een muur. In een halfronde cirkel om een terras groeien aardbeienplanten en kleinfruit. De groenten en kruiden zijn aangeplant in kleine, verplaatsbare zakken op het terras. Deze kunnen de kinderen meenemen naar hun nieuwe huis.  “De opvangsituatie is voor kinderen geen prettige ervaring, maar zo nemen ze er toch iets positiefs van mee.” 

Gekoppelde bedrijven

Heeft u meegewerkt aan dit project? Als u bedrijfsdeelnemer bent, kunt u zichzelf aan dit project verbinden.

Nog geen bedrijfsdeelnemer?

Bekijk de mogelijkheden.

Bedrijfskoppeling maken

Heeft u met uw bedrijf een bijdrage aan dit project geleverd?

Dan kunt u uw bedrijf via dit formulier aan het project koppelen. Beschrijf de bijdrage die u heeft geleverd in maximaal 400 tekens en upload eventueel een afbeelding. Uw bijdrage wordt beoordeeld en na goedkeuring getoond op deze pagina.


Safegroup Zuid-Holland Zuid in Dordrecht, onderdeel van overkoepelende hulpverleningsinstantie Jutz, biedt hulpverlening in situaties waar sprake is van ernstig en/of structureel huiselijk en eergerelateerd geweld. De hulpverlening wordt bij voorkeur in de thuissituatie geboden, maar als er sprake is van een onveilige situatie dan is opvang mogelijk. De locatie in Dordrecht heeft zestien streng beveiligde appartementen voor vrouwen en kinderen die niet meer thuis kunnen wonen. Ze verblijven gemiddeld twintig weken bij Safegroup.

Baat bij groen

Bij de locatie lag een omsloten tuin met gras en grote bomen, die niet uitnodigde tot gebruik. ,,De moeders komen sowieso nauwelijks van de afdeling af. Het ontbreekt hen vaak aan energie door hun persoonlijke en situationele problemen. De kinderen kwamen daardoor ook weinig buiten en dat was jammer”, zegt locatiemanager Suzanne Lankhorst, ”want als kinderen buiten spelen raken ze hun energie kwijt, kunnen ze zich beter ontspannen en worden ze weerbaarder tegen de negatieve gevolgen van stressvolle situaties.” Lankhorst zag in het ‘Natuurproject voor kinderen in de opvang’ van Kinderpostzegels en Federatie Opvang dan ook een kans om de tuin opnieuw in te richten, zodat de ouders en kinderen in een natuurlijke setting de ingrijpende gebeurtenissen kunnen verwerken en kunnen werken aan de verbetering van hun onderlinge relatie.

Samen ontwerpen

Om de vrouwen te activeren en draagvlak te creëren werd een participatief ontwerpproces opgezet en een projectteam samengesteld. Deze bestond uit een aantal moeders, de professionals van Safegroup ZHZ, een medewerker van Woonbron en van Gemiva. Woonbron is de eigenaar van het pand en de tuin. Gemiva, een organisatie die ondersteuning biedt aan mensen met een verstandelijke beperking, is in hetzelfde pand gehuisvest. Jasperina Venema, adviseur bij Van Helvoirt Groenprojecten uit Berkel-Enschot, begeleidde het projectteam in drie bijeenkomsten waarin ze wensen en behoeften in kaart bracht en de toekomstige gebruikers enthousiasmeerde. Met de kinderen organiseerde ze een aparte bijeenkomst. De bijeenkomsten resulteerden in het ontwerp van de tuin en in een tuinclub voor het onderhoud.




Foto's: © Jasperina Venema

Extra financiering

Het ontwerp van de tuin bleek duurder uit te vallen dan aanvankelijk was begroot. De totale begroting was €57.932. De subsidie van Kinderpostzegels bedroeg €37.677 voor de basis van de tuin. Voor speeltoestellen, tuinmeubilair en een waterpomp was €20.255 begroot. De locatiemanager moest op zoek naar aanvullende financiering. Die kwam van Kinderpostzegels, Woonbron, Rotary Dordrecht en de Soroptimisten, een serviceorganisatie van vrouwelijke professionals die zich inzet voor de verbetering van de positie van vrouwen en meisjes. “Een van de leden hielp bij het werven van de fondsen en dacht mee over hoe het prachtige ontwerp te behouden, maar voor een lager budget.” De waterspeelplek met pomp verviel en waar kunstgras was ingepland kwamen houtsnippers. Een ex-cliënte ging zelf bij bedrijven langs: bij het ene bedrijf kreeg ze een tuinbank, bij de andere gevulde bloempotten voor op het terras.

Onderhoud en eigenaarschap

De tuinclub heeft samen met de bewoners, professionals en leden van de Soroptimisten de tuin aangeplant. “Daarmee werd het echt onze tuin”, licht Lankhorst toe. De tuinclub wordt door een pedagogisch hulpverlener en vrijwilligerscoördinator getrokken. Een ex-cliënte met groene vingers is vrijwilliger en enthousiasmeert de huidige bewoners om mee te doen in het onderhoud van de tuin. Een vaste tuinkracht van Woonbron onderhoudt een dag per week de tuin. Cliënten van Gemiva zijn op vaste tijdstippen in de tuin aanwezig als dagbesteding.

Inbedding in organisatie

Twaalf professionals van Safegroup activeren de vrouwen en kinderen om de tuin te gebruiken. De natuuractiviteiten moesten ingebed worden in hun dagelijks werk. “Dat was een uitdaging”, zegt Lankhorst, “want groen is in de hulpverlening onbekend terrein. De medewerkers zagen er ook tegenop vanwege de energie en de tijd die het kost. Ze hadden al een hoge werkdruk.” De locatiemanager is blij met de ondersteuning die ze hebben gehad vanuit het innovatietraject dat onderdeel uitmaakt van het onderzoek ‘Natuurproject voor kinderen in de opvang’. Hierin werden handvatten geboden om de natuur als vanzelfsprekend in de organisatie op te nemen zonder dat het extra veel tijd kost. De locatiemanager besteedde ook vrijwillig veel vrije tijd in het project en dat stimuleerde de medewerkers. Suzanne Lankhorst benadrukt wel dat de natuuractiviteiten geen vanzelfsprekendheid zijn.  “Je moet iemand binnen de organisatie hebben die de tuin en natuuractiviteiten in zijn portefeuille heeft. Die het continu op de agenda zet, anders verzandt de hulpverlening weer in het oude patroon.”

Gekoppelde bedrijven

Heeft u meegewerkt aan dit project? Als u bedrijfsdeelnemer bent, kunt u zichzelf aan dit project verbinden.

Nog geen bedrijfsdeelnemer?

Bekijk de mogelijkheden.

Bedrijfskoppeling maken

Heeft u met uw bedrijf een bijdrage aan dit project geleverd?

Dan kunt u uw bedrijf via dit formulier aan het project koppelen. Beschrijf de bijdrage die u heeft geleverd in maximaal 400 tekens en upload eventueel een afbeelding. Uw bijdrage wordt beoordeeld en na goedkeuring getoond op deze pagina.


De tuin werd na de aanleg direct in gebruik genomen. Vooral op de woensdagmiddag is het er druk. Er wordt bij goed weer gegeten op het grote terras. Een ex-cliënte heeft een aantal barbecues georganiseerd. Samen eten geeft gezelligheid en een gevoel van saamhorigheid. Buiten kan en mag er meer. Hierdoor zijn er minder irritaties en spanningen. Toen de vrouwen nog voornamelijk binnen bleven, was er geregeld onrust op de afdeling, mede doordat de kinderen hun energie niet kwijt konden. “Ik hoor nu vaak: ‘ik heb er geen kind aan”, zegt locatiemanager Suzanne Lankhorst.


“De vrouwen in de opvang denken vaak groot. Ze willen de kinderen meenemen naar de Efteling om ze troost en plezier te bieden. Maar het zit vaak in de kleine dingen”, meent Lankhorst. Samen schommelen, even gezellig kletsen op een bankje terwijl je naar de bloemen kijkt, of samen aardbeien oogsten.  “Voor ons als hulpverlener is het dan interessant om te zien wat de interactie tussen kind en ouder is, welke manieren ze hebben en welke normen ze hanteren.”

Neveneffect

Over het effect van de tuin op het eigen welbevinden zijn ex-cliënten het meest expliciet, constateert Suzanne Lankhorst. Zij zijn ook het meest actief in de tuin. Het mooie is dat ze, nu ze weer op zichzelf wonen, ook vaker naar buiten gaan. “Ze hebben zelf ervaren hoe fijn het is om het hoofd leeg te maken tijdens een wandeling of door te tuinieren.” Een neveneffect is dat de tuin het contact tussen cliënten en ex-cliënten bevordert. Ex-cliënten vertellen wat hun ervaringen zijn met het opbouwen van een eigen leven. Dat biedt de cliënten toekomstperspectief. Lankhorst noemt nog een tweede neveneffect. “Voorheen zag je ex-cliënten nooit meer terug als ze doorgestroomd waren naar een eigen huis. Nu weten ze ons weer snel te vinden als het mis dreigt te gaan.”

Verrijking werk

Voor de medewerkers zijn de tuin en natuuractiviteiten een verrijking van hun werk. De begeleiding vanuit het onderzoeksteam heeft daar positief aan bijgedragen. Lankhorst: ,, Wij vonden de oude tuin maar een lelijk grasveld, tot de onderzoekers ons de mooie bomen lieten zien, de bessen die er groeien. Ook namen ze ons op een koude dag mee naar buiten. Kacheltje aan, deken mee. Dat was hartstikke leuk. Door zoiets simpels kom je met de natuur en met elkaar in contact. Je hoofd raakt leeg en daarna kan je weer verder.” Het besef dat je natuur in je dagelijks werk kunt inzetten, is langzaam bij de hulpverleners doorgedrongen. Inmiddels doen de pedagogisch medewerkers samen met de kinderen buiten spelletjes die ze eerder binnen deden en creëren ze gezamenlijke momenten voor moeder en kind, zoals kerstgroen uit de tuin halen voor de kerststukjes.


Suzanne Lankhorst ging zelf wandelen met een depressieve cliënt. Hierdoor ontstond op een heel natuurlijke wijze een gesprek, waarbij thema’s als veiligheid, ontspanning en de relatie met de partner aan bod kwamen. “Eerst denk je nog: wanneer moet ik dan mijn gespreksaantekeningen maken? Dat hebben we samen opgelost door het eerste half uur te wandelen en het tweede half uur de aantekeningen in de computer te zetten.” Het samen wandelen stimuleerde de cliënt om er op uit te trekken. De locatiemanager ervoer dat ze zelf energieker uit het hulpverleningsgesprek kwam dan als ze dat binnen had gevoerd. Wandelen met de cliënten doet ze nog steeds, of het nu miezert of niet.

Gekoppelde bedrijven

Het onderzoek naar het ‘Natuurproject voor kinderen in de opvang’ geeft inzicht in de manier waarop natuur in de vrouwenopvang werkt. Het is gebaseerd op de waarnemingen en ervaringen van de professionals in de opvang die de natuuractiviteiten in hun werk hebben beproefd en beoordeeld. Onderzoekers Elise Peters, Loes van ’t Hoff en Dieuwke Hovinga van Hogeschool Leiden en Jolanda Maas van de Vrije Universiteit Amsterdam hebben hiervoor een innovatie-onderzoek uitgevoerd in vier opvanglocaties. Dit innovatie-onderzoek is een vorm van praktijkgericht actieonderzoek waarin de professionals in een aantal bijeenkomsten en in hun werkpraktijk zelf aan de slag gaan en experimenteren met natuuractiviteiten. Vervolgens delen de medewerkers hun opgedane ervaringen met hun collega’s en met de onderzoekers en leren zij van elkaar. Hierdoor ontstaat inzicht in wat wel of niet werkt, of wat ondersteunend is in het werk van de hulpverlener.


De onderzoeksopdracht van Stichting Kinderpostzegels en Federatie Opvang was tweeledig. Het onderzoek leidt tot een methodiek die de natuuractiviteiten praktisch toepasbaar maakt in het dagelijks werk van de hulpverlener, zodat deze bijdragen aan de verwerking van de ingrijpende gebeurtenissen in het leven van ouder en kind. En het onderzoek biedt inzicht in de werking van de natuur op de herstelkracht van ouder en kind, de vorming van gewoonten en gebruiken en de pedagogische handelingskracht van de moeders.

Zes praktijkvoorbeelden

De vorengenoemde werkwijze, waarin wordt samengewerkt in communities of practice (COP), heeft geleid tot 196 praktijkvoorbeelden. Daaruit zijn er zes geselecteerd: snoezelen voor het raam, buiten wandelen, eten in de binnentuin, intake bij de dieren, dropping van jongeren en voetballen met vader. Deze zijn beschreven in het aansprekende boekje De knotsgekke avonturen van mijn moeder en de geit: De waarde van natuur in de vrouwenopvang. De onderzoekers beschrijven eveneens welke effecten deze activiteiten hebben op de kinderen en de ouders. Ook gaan zij in op hoe medewerkers obstakels in de toepassing ervan (’Ja, maar…’) weten te omzeilen of om te buigen naar creatieve oplossingen (‘En zo kan het ook’). Het biedt daardoor inspiratie en praktische handvatten voor degenen die hulp verlenen. Soms lijken de voorbeelden eenvoudig en voor de hand te liggen, maar zijn deze in een opvangsituatie niet zo vanzelfsprekend, zoals in het voorbeeld van voetballen in de tuin. Een vader is op bezoek bij zijn kinderen in de opvang. Ze worden gestimuleerd om samen te gaan voetballen. De professional ziet dat het contact tussen hen daardoor makkelijker gaat. De vader hoeft niet voortdurend met zijn kinderen te praten, maar kan gewoon doen. Thuis voetbalde hij ook met zijn kinderen, dus het is herkenbaar en een natuurlijke manier van omgaan met elkaar. Hij ziet zijn kinderen in hun kracht. Ze hebben plezier en zijn blij. Dit geeft hem een positieve ervaring, want hij weet dat de opvang pijnlijk voor hen is. De toegang tot de tuin is een belemmering (Ja, maar...), want de vader moet er binnendoor via de opvang heen en dat is niet wenselijk. De medewerker neemt zelf het initiatief om te kijken of een aparte opgang gerealiseerd kan worden. En als er geen plek om te voetballen is bij de opvanglocatie, dan kan het altijd op een veldje in de buurt (En zo kan het ook).

Waarde van natuur

In de 196 praktijkvoorbeelden zijn verschillende waarden van natuur te onderscheiden. De onderzoekers hebben deze geclusterd in zes thema’s. De natuur, of het nu een helende tuin is of een plek met dieren, zorgt ervoor dat ouder en kind zich thuis voelen, dat zij zich weer openstellen voor de wereld om zich heen, en zich verbonden voelen met elkaar, met de buurt maar ook met de maatschappij. In de natuur mag het kind ook gewoon kind zijn. Dit heeft expliciete aandacht in de opvang omdat deze kinderen niet vrij zijn van zorgen. De natuur maakt ze weer blij, geeft ze (zelf)vertrouwen en ondersteunt de trauma coping strategieën van kinderen.


De laatste waarde is die van het
ouder zijn. Door hun eigen problemen hebben de ouders soms geen oog meer voor het kind, of vinden ze het moeilijk om gericht naar hun kind te kijken omdat dit hen, zoals de onderzoekers schrijven, zorgelijk maakt. Ouders lijken buiten met meer plezier naar hun kind te kijken, ze ervaren meer rust en spelen ook meer mee, hetgeen de onderlinge band bevordert. Voor de medewerkers biedt de natuur een plek om ouders te coachen in hun ouderschap.



Foto: © Allard de Witte

Vormende waarden

Medewerkers zien dat natuur leidt tot brede vormende ervaringen bij kinderen en volwassenen. Natuur geeft:

  • Moed: natuur vraagt daadkracht, initiatief, zelfvertrouwen en autonomie
  • Menselijkheid: natuur roept zorgzaamheid, liefde, respect, vertrouwen en verantwoordelijkheidsgevoel op
  • Spiritualiteit: natuur geeft het gevoel deelgenoot te zijn van iet groters dan zichzelf, het brengt verwondering, optimisme, speelsheid, luchtigheid en humor
  • Wijsheid: in natuur ben je open van geest, creatief, veerkrachtig en zijn metaforen voor levenservaringen te herkennen.

Een neveneffect van de natuuractiviteiten is dat niet alleen de ouder en het kind baat hebben bij de inzet ervan, maar ook de medewerkers zelf. Het maakt hun werkdag plezieriger, ze knappen ervan op – het hoofd raakt leeg en het geeft nieuwe energie - en vinden dat ze hun werk beter doen. 

Onderzoeksrapport

De knotsgekke avonturen van mijn moeder en de geit: De Waarden van natuur in de vrouwenopvang

Auteurs: Elise Peters, Jolanda Maas, Loes van 't Hoff en Dieuwke Hovinga, Lectoraat Natuur & Ontwikkeling Kind, Hogeschool Leiden, Thomas More Hogeschool Rotterdam en Vrije Universiteit Amsterdam.



Dit artikel komt uit GroenEffect

Deel dit artikel