Artikel

Als het goed loopt krijg je geen beleid

"We hebben helemaal geen speelbeleid," is het eerste antwoord van Karsten Orth, ontwerper openbare ruimte bij de gemeente Apeldoorn, als we hem vragen naar de situatie in Apeldoorn.

Vijftien jaar geleden pionierde hij als ontwerper openbare ruimte met plekken voor natuurlijk spelen. "Daar zijn we heel goed in geworden." Het is nergens vastgelegd, niet aan budget gekoppeld, maar vanzelfsprekend geworden. In dit geval geldt simpel: geen beleid is ook beleid.

 

Apeldoorn heeft geen officieel speelbeleid, hoe staat het dan met openbare speelplekken?

We zijn in Apeldoorn al zo’n vijftien jaar geleden begonnen met het inrichten van plekken voor natuurlijk spelen. We hebben in de stad ongeveer dertig grotere speelplekken, met veel ruimte voor bijvoorbeeld waterspelen. Het gekke is inderdaad dat daar geen beleid voor was of is. We zijn gewoon begonnen vanuit onze eigen ideeën en langzamerhand is dat een onuitgesproken beleid geworden. We zijn er heel goed in, er is geen discussie meer over. Als iets goed loopt krijg je ook geen beleid, omdat het niet nodig is.

 

Wat zijn de actuele ontwikkelingen op speelgebied?

Vanuit het gemeentelijke programma Comfortabele Gezinsstad proberen we nu nog meer te doen voor jonge gezinnen met kinderen. Het gaat nu om het ontwerpen van een groter speelweefsel. We kijken samen met wijkbewoners en scholen en andere betrokkenen naar de samenhang in een wijk of buurt. Soms hoef je niet eens helemaal nieuwe speelplekken in te richten, maar kan het verbeteren van de toegankelijkheid en de langzame verkeersroutes tussen de plekken al genoeg zijn.


We hebben goed gekeken hoe anderen met deze onderwerpen omgaan. We hebben veel inspiratie kunnen putten uit België, bijvoorbeeld via de website speelweefsel.be

 

We kijken altijd naar de meest kwetsbare gebruikers zoals kinderen, minder validen en ouderen. Het uitgangspunt is dat als een speelplek goed is voor de meest kwetsbare groepen, die plek voor iedereen goed is.

 

Maakt het programma spelen tot onderdeel van een breder beleid?

Tot Comfortabele Gezinsstad behoort een speel- en beweegvisie. Dat is een moeilijk traject, omdat het over heel veel onderwerpen gaat waar een heleboel gemeentelijke afdelingen bij betrokken zijn. En we hebben alle partners in de wijk nodig. We hebben het altijd belangrijk gevonden om uit te gaan van wat kinderen willen. Voor mij is het vanzelfsprekend om speelplekken op die manier te ontwerpen en in te richten, maar in veel andere gemeenten zie ik mensen soms echt vreemd opkijken als ik vertel over hoe wij het doen.

 

Het ontbreken van vastgelegd beleid geeft vrijheid, maar zijn er ook nadelen?

Dat er geen officieel beleid is, dat het nooit is uitgesproken, maakt het ook kwetsbaar. Vooral als het gaat om continuïteit in het beheer. Je moet een duidelijke visie op het gebied van natuurlijk spelen hebben en deze ook richting beheer kunnen uitdragen. Als een plek niet of conventioneel wordt beheerd is binnen enkele jaren de speelwaarde verdwenen. Met Comfortabele Gezinsstad proberen we budgetten te ontwikkelen. Maar we hebben ook veel ervaring met sponsoring en acquisitie.


Bij het ontwerpen en inrichten van speelplekken ben je aangewezen op goede samenwerking met alle partijen. Ontwerpers, beplanting, aannemers, leveranciers. Met veel mensen, organisaties en bedrijven werken we al jaren samen, we weten wat we aan elkaar hebben.

 

Het werken aan zulke projecten betekent vooral heel veel geduld hebben. Gelukkig is het niet het enige waar ik aan werk, ongeveer tien procent van mijn werktijd gaat eraan op, dus ik hoef niet al te gefrustreerd te raken als iets een keer niet opschiet. We werken met zeven ontwerpers openbare ruimte in het Ingenieursbureau van de gemeente Apeldoorn aan de inrichting en het ontwerp van openbare ruimte.

  

In veel gemeenten is sinds de financiële crisis bezuinigd op speelbeleid. Wat was het effect in Apeldoorn?

We wilden ooit een grote visie, daar zouden miljoenen mee gemoeid zijn. Dat was net in die moeilijke tijd. Het is er nooit van gekomen. Maar met een goed plan, overtuigingskracht en passie kun je heel ver komen.


Vroeger was het echt nieuw om uit te gaan van wat het kind nodig heeft. Maar het is zo goed gegaan met de dingen die we ontworpen hebben dat ik nu in Apeldoorn niet meer elke dag hoef uit te leggen. Ik kan gewoon verwijzen naar de successen. Het criterium of een speelplek goed is of niet, is altijd dat kinderen er langer dan een half uur blijven spelen, er helemaal in opgaan. Als dat het geval is hebben we ons werk goed gedaan.

 

Hoe ziet u de toekomst?

De visie spelen is veel breder geworden. Er komt meer budget. Spelen hangt met onderwijs samen, met avontuurlijk spelen, met bewegen voor jong en oud, maar ook met klimaatadaptatie, het wordt groener. En die ontwikkeling gaat door, de komende tien jaar zal nog veel meer op groen zal worden ingezet.

 

Dit artikel verscheen eerder in het magazine. Lees het artikel ook in de bibliotheek.

Auteur: Jos Oude Holtkamp

Deel dit artikel