Artikel

'Er is in het onderwijs geen goede balans tussen spelen en leren'

Toen Elly Dienske na de Kweekschool in 1965 aan de slag ging als juf op een basisschool, kwam ze er al snel achter dat niet alle kinderen op dezelfde manier leren, maar dat de lesmethodes daar wel van uitgingen. Tegelijkertijd ontdekte ze dat beweging een enorme invloed heeft op de werking van het brein van kinderen en ze zag dat kinderen met leerproblemen ook vaak achterliepen in de motorische ontwikkeling. “Leerprocessen - het aanleren van nieuwe vaardigheden – worden gestimuleerd door beweging.”

Voor Elly was dat aanleiding om zich in BrainGym te verdiepen, een methode van Amerikaanse orthopedagoog Paul Dennison, om met bewegingsoefeningen het lichaam en het brein beter te laten samenwerken. De afgelopen dertig jaar gaf ze les aan leerkrachten en leerlingbegeleiders in BrainGym.

BrainGym een inspiratiebron

“Tot op de dag van vandaag is BrainGym een inspiratiebron bij alles wat ik doe.” Ook nu ze zich, na haar pensionering, inzet voor de Werk- en Steungroep Kleuteronderwijs (WSK) die onderwijs initieert dat recht doet aan de ontwikkeling en de behoeften van kleuters. Waarom Elly zich nu juist richt op kleuters, legt ze uit: “Kleuters zijn (nog) geen schoolkinderen en hebben er recht op om zich al spelend op een natuurlijke manier te ontwikkelen. Met spel dat vrij is, zonder vooropgezet doel. In onze samenleving, waar alles efficiënt moet en snel, stuit dat al gauw op bezwaren. Voordat je het weet, vinden we dat spelend leren betekent dat je kleuters met letters op blokken moet kunnen leren lezen!”

Prestatiegericht

“De hele maatschappij lijkt in de ban van een opdringerige gehaastheid. En we zijn enorm prestatiegericht, activiteiten moeten vooral nuttig zijn. Dat alles vind je terug in het huidige onderwijs. Spelen zonder doel wordt afgewezen, want dat heeft geen direct nut. Wel leuk, maar ‘je hebt er niets aan’. Er moet vooral gepresteerd worden - en de rest is leuk voor ‘erbij’. Maar daarmee doen we kinderen ernstig tekort in hun algemene ontwikkeling. In het spel ontstaat juist creativiteit, en het inzicht om problemen op te lossen, sociaal en fysiek, je leert om met mislukkingen om te gaan en niet op te geven. Maar dat vraagt tijd en die is er niet. Kijk bijvoorbeeld naar de haast waarmee kleuters zo snel mogelijk naar groep 3 moeten, om te leren lezen, rekenen en schrijven. Door kleuteren is zittenblijven, dus dat willen we niet. En dan, na acht jaar basisonderwijs, móet het kind naar één of andere vorm van vervolgonderwijs.”

Extra hulp

“Als een kind extra tijd nodig heeft, is dat een teken van tekort schieten en dat moet aangepakt worden met extra hulp. Maar dat gebeurt dan niet in de vorm van bewegingsoefeningen, zoals Brain Gym, en met extra ruimte voor spelen. Neen, onder druk om te presteren worden kinderen die wat achterblijven, lastig gevallen met nog meer van hetzelfde: extra lessen. Ze krijgen een negatief label opgeplakt. En hup, dan komt er weer een programma voor meer zelfvertrouwen aan te pas om het negatieve zelfbeeld dat in het kind is geslopen, te corrigeren.”

Balans

“Iedereen maakt zich grote zorgen over achterstanden: laaggeletterdheid, gebrek aan zelfvertrouwen en zelfredzaamheid, en heel veel thuiszitters voor wie geen geschikt onderwijs is. Maar hoe zou dat toch komen? Mijn stelling is: er is te weinig balans tussen het spelen en bewegen en het leren.” Als vanzelf zijn we zo weer terecht gekomen bij Elly haar fascinatie voor spelen en bewegen in relatie tot leren. Ze legt uit waarom spelen zo belangrijk is, juist ook voor kleuters: “Voordat ons brein klaar is om op het platte vlak te kunnen functioneren (o.a. voor lezen en schrijven) moeten alle zones binnen het brein en het lichaam gecoördineerd samenwerken, zoals tussen de linker- en rechterzijde van lichaam en brein, maar ook de boven- en onder- en de voor- en achterzijde. Tijdens de kruipbeweging bijvoorbeeld worden de linker- en rechterkant van het brein al geactiveerd. Die ontwikkeling vindt onbewust plaats, vanaf 0 tot ongeveer 7 jaar, en wordt gestimuleerd door bewegingen van het lichaam. Op een natuurlijke speelse manier, eerst reflexmatig en later ook bewust. Die hele periode is nodig om de drie-dimensionele wereld om ons heen te verbinden met de drie-dimensionele samenwerking tussen het brein en de zintuigen van het lichaam. Pas daarna kunnen we de stap zetten naar het platte vlak van boek of schrift of schoolbord, om symbolen te begrijpen: letters en cijfers. Deze kennis over neurologische en psychologische ontwikkelingen, die ik hier kort aanstip, zou bij iedere onderwijsgevende bekend moeten zijn. Het vormt de basis van goed onderwijs.”

Beweging en spelen

Er zijn verschillende manieren om meer beweging en spel te stimuleren, vervolgt Elly. “Bijvoorbeeld: tussen de lessen bewegingstussendoortjes organiseren, een vakleerkracht gymnastiek aanstellen, enthousiaste ouders vragen om na schooltijd met kinderen te gaan joggen (stappenteller mee voor het wedstrijd element), lezingen organiseren over het nut van spel en/of beweging (voor het onderwijsteam én ouders), een circusfeest initiëren, een kliminstallatie voor kleuters (binnen en buiten), een uitdagende inrichting van speellokalen (met zand/watertafels voor kleuters) en het speelplein zo inrichten dat spel en beweging worden gestimuleerd, en zorg voor genoeg binnenspeelruimte, ook met hangplekken.” Maar dat soort maatregelen is niet voldoende, zegt Elly: “De enige manier om echte veranderingen voor elkaar te krijgen is: medestanders mobiliseren, in het werkveld en bij beleidsmakers (besturen, gemeentes). Om concrete plannen voor elkaar te krijgen moet je je stem laten horen op de plaats waar beleid gemaakt wordt.”

Werk- en Steungroep Kleuteronderwijs

Op die manier is veel te bereiken, weet Elly uit ervaringen met de Werk- en Steungroep Kleuteronderwijs (WSK). “We hebben gesprekken gevoerd met het Ministerie van OCW, wat ertoe leidde dat in het Regeerakkoord een paragraaf kwam te staan over een specialisatie op de Pabo voor het jonge kind.” Elly vervolgt: “ Het is hard werken om de boodschap ook elders over het voetlicht te krijgen. We publiceren artikelen, zorgen via de website voor onderlinge contacten tussen de 5000 leden (deelname is gratis) en we organiseren jaarlijkse bijeenkomsten. Idealisme is de drijfveer.”


Dit is een artikel dat uitkomt in BuitenSpelen 01/2021, die eind deze week verschijnt. Lees meer van BuitenSpelen in onze digitale bibliotheek

Deel dit artikel