Blog

De school als natuurlijke leeromgeving of intensieve kindhouderij?

Een groep godsvruchtige monniken uit Engeland kwam rond het jaar 750 naar Nederland om de eerste (klooster)school op te richten. En dat werd een daverend succes. Anno 2018 gaan in Nederland alle kinderen naar school. Maar waarom gaan kinderen eigenlijk naar school? En werd er voor het jaar 750 dan helemaal niet geleerd? We leren natuurlijk allemaal nuttige dingen op school, en zonder onderwijs geen beschaving, maar is dat wel echt zo? En als het zo is, doen we dat onderwijs eigenlijk wel op een goede manier en in de juiste omgeving?

Tijdens het programma ‘Gezonde Schoolpleinen’ ontdekten we bijvoorbeeld dat kinderen 99% van hun lessen zittend in een lokaal doorbrengen. Beweeg je te veel, dan krijg je meestal direct op de kop van je meester of juf. Gevoelsmatig past dit niet echt bij hoe een mensenkind van nature leert. En dat was niet alles. We lazen onderzoeken waaruit bleek dat maar liefst 90% van alle leslokalen in Nederland een slecht binnenklimaat heeft. Dit is vaak zelfs zo slecht dat dit het leren belemmert in plaats van stimuleert. De schoolklas is een vorm van intensieve kindhouderij geworden die ver af staat van de manier waarop we van nature leren.


In onze zoektocht naar een natuurlijke leeromgeving startten we vorig jaar het project Binnenbos op. In dit project onderzoeken we samen met leerlingen van het basisonderwijs het effect van planten in de klas. Uit onderzoek van onder andere Bert van Duijn en Agnes van den Berg blijkt dat planten in de klas de luchtkwaliteit verbeteren, de gerichte aandacht van leerlingen verbetert en de sfeer in de klas positief beïnvloedt (het wordt gezelliger).


In november 2017 startten we met de eerste test. Leerlingen van groep 4 kregen 150 luchtzuiverende planten en onderzochten samen met ons het effect. We onderzochten de CO
2 waarde, het aantal decibels en de luchtvochtigheid. Het bleek lastig om meetbare resultaten te vinden. De evaluatie met leerlingen en leerkrachten leverden wel een aantal interessante aanknopingspunten op.


Positief was dat leerlingen veel over planten leerden, ze zelf leerden onderzoeken en zich eigenaar voelden van hun planten. We schrokken echter wel van onze metingen. We vonden soms CO
2 waardes boven de 2.800 PPM (ernstig muffe lucht), luchtvochtigheidswaardes van onder de 40% (droge keeltjes en hoesten) en een geluidsniveau dat vaak boven de 65 decibel kwam (herrie!). Dit riep bij ons de vraag op: wat is een natuurlijke leeromgeving waar je echt goed kan leren? En wat heb je daar voor nodig?


Hoe stimuleren we bijvoorbeeld alle zintuigen? Hoeveel uur daglicht heeft een kind nodig? Hoeveel zuurstof? Hoeveel beweging en wat is de ideale mix tussen binnen en buiten leren? Dit project riep meer vragen dan antwoorden op. Maar volgens ons is het wel tijd om te onderzoeken wat een natuurlijke leeromgeving voor mensen en kinderen is. Horen bij
21st century skills niet ook een 21st century leeromgeving?


De komende maanden gaan we verder op zoek naar de kenmerken van een ideale leeromgeving. Waarbij we gaan kijken wat er vroeger was en wat er in de toekomst kan komen. En we gaan natuurlijk testen wat werkt. Testen jullie mee?














Deze blog is geschreven door Daan Bleichrodt, Product Market Manager Kind en Natuur at IVN, en Maarten Bruns, Product Marktmanager Natuur in de Buurt bij IVN (en auteur)



Dit artikel komt uit GroenEffect

Deel dit artikel