Blog

Alles draadloos aansturen ?

Er is een wildgroei aan draadloze oplossingen voor het bedienen van objecten in de openbare ruimte. Maar waar moeten we op letten?

Ja, daar sta je dan. Of beter: daar zit je dan…voor je computer en net jezelf aangemeld voor het schrijven van blogs omdat je meent wat toe te kunnen voegen aan al die andere experts die er in de energiewereld rondlopen of omdat je meent dat je iets te melden hebt waardoor je discussies uit kan lokken die bij kunnen dragen aan voortschrijdend inzicht in deze interessante community. Ga er maar aan staan en voor zitten..….In ieder geval mijn dank aan Geert en de redactie voor de kans deze uitdaging te mogen invullen.

 

Om u mee te nemen naar de essentie van mijn betoog moet ik toch even terug in de tijd. Ik geef toe, ik ben waarschijnlijk de verkeerde studie gaan doen. Interesses en passie waren altijd elektronica en dan in het bijzonder radio, radiogolven en antennes, waar alles om energie draait. En dan kom je als jurist in de energiewereld terecht. Logisch ? Ik bespaar u de details. De energiewereld waar heerlijk veel regels verzonnen worden en elektrotechniek floreert zou een voedingsbodem worden voor heel mijn carrière. Vanuit deze optiek kunt u zich indenken dat mijn hart een sprong van vreugde maakte toen energie en elektronica zich gingen versmelten tot smart cities, smart grids en smart lighting. Ik wist het meteen: smart was voor mij het synoniem voor draadloos.

 

Mijn hele ambitie en draadloze aandrang werden na meer dan 30 jaar arbeid eindelijk beloond met hun definitieve bestemming. Ik ben beland in het draadloze tijdperk waar energie en techniek ons allen naar een hogere bestemming moeten brengen, naar meer kwaliteit van leven. Met het overslaan van de imaginaire algebra die in de studie elektrotechniek zo geliefd is, ben ik voor het overige toch een eind gekomen. Begrip van het gedrag van radiogolven in relatie tot hun frequentie, ik kan er van smullen. Voor mensen die radio-omroep op de middengolf bewust hebben meegemaakt: het luisteren naar verder afgelegen stations werd in de avonduren bemoeilijkt door het fading-gedrag. Het elkaar versterken en uitdoven van het zendsignaal bij de ontvanger omdat die het signaal van meerdere kanten tegelijk te verwerken kreeg. In de nachtelijke uren worden de signalen van de middengolfradio beter in de hoge atmosfeer weerkaatst en komen in faseverschillen tegelijk aan met de grondgolf die eveneens de ontvanger bereikt. Zo heeft ieder deeltje radiogolf in het etherspectrum zijn eigen karakteristieken, mogelijkheden en onmogelijkheden.

 

De sprong naar de smart city is nu snel gemaakt. Van de enorme antennes die je voor de middengolf nodig hebt naar de vrijwel onzichtbaar kleine antennes die we gebruiken voor onze wifi. Dat biedt perspectief. En al helemaal in het kader van opstelpunten voor die antennes. We praten bij Wifi over breedbandige verbindingen die veel data moeten kunnen transporteren en die vragen om hoge frequenties uit het etherspectrum. Voor de beeldvorming: onze FM radio-band loopt van 87,5MHz tot 108MHz. Dat is een bandbreedte van ongeveer 20MHz in het hele etherspectrum. Zo breed is de bandbreedte van 1 (normaal) Wifi kanaal ! En als we daarbij optellen, dat het propagatiegedrag van de voor Wifi gebruikte frequenties (2,4GigaHertz en 5 Gigahertz) , dusdanig is, dat het bereik relatief klein is, komen we automatisch terecht bij de vaststelling dat dit soort kleine bereiken vragen om heel veel opstelpunten om een dekkend netwerk in een groter gebied tot stand te brengen. Dat even als verschil tussen Wifi en Middengolfzenders: één antenne voor een heel land voor Wifi duizenden antennes voor kleine afstanden. Maar veel opstelpunten vragen om veel antenne-opstelpunten en dat vinden we niet leuk. Sinds de komst van de GSM-telefoons worstelen we met discussie over de antenne-opstellingen op daken en in hoge masten. Dit heeft ertoe geleid dat er in Nederland een antenne-register is ingesteld waarin alle antennes van zenders staan geregistreerd. Hoe krijgen we dan onze telecom-infrastructuur dekkend als we hoge bandbreedtes nodig hebben en aangewezen zijn op de bouw van kleine cellen ? Veel antennes erbij zetten is dan storend in de openbare ruimte. En het is niet alleen Wifi dat we nodig zullen hebben in de toekomst, maar een veelheid van soortgelijke frequenties die met hun kenmerkende eigenschappen bijdragen aan onze exploderende vraag naar draadloze, breedbandige verbindingen.

 

Bent u er? De doorkijk mag duidelijk zijn: de circa 3,5 miljoen lichtmasten in Nederland zijn bij uitstek geschikt om te dienen als drager van kleine antennes voor een nieuwe infrastructuur van de smart city, tenminste, als ze beschikken over een 24/7 netspanning. Tot zover eigenlijk niks nieuws. Een eeuwenoude asset in de vorm van de lichtmast wordt opeens sexy en een moneymaker voor nieuwe diensten. Die hebben velen van ons al gezien en hebben geleid tot ontwikkelingen rond de “humble lightpost”. Een lichtmast met geïntegreerde ICT toepassingen. De slimme lichtmast. Maar deze slimme lichtmast moest eerst zelf nog slim worden: vele draadloze technieken bestormden de markt om de eeuwenoude lichtmast op afstand te kunnen schakelen en dimmen. De eveneens oude toon-frequent techniek waarmee momenteel wordt geschakeld, is ook a la Fred Flintstone en in een periode van uitfasering beland.

 

Nou, als we dus twee dingen even vasthouden: de lichtmast als drager voor antennes van andere diensten in het kader van de smart city toepassingen en als ontvanger voor de eigen bediening: aan, uit of gedimd. Dan is dit het intro voor Deel 2 dat u over korte tijd hier kunt lezen.



Dit artikel komt uit Straatbeeld

Deel dit artikel